Geurding
Geur doet iets met een mens.
Scherpe parfums, geurstokjes of uitlaatgassen kunnen me echt tegenstaan. Sommige geuren maken me zelfs misselijk. En parfums die omschreven worden als bloemig? Daar doe je me echt geen plezier mee. Vaak ruiken ze voor mij helemaal niet naar bloemen maar naar iets dat bedacht is om op bloemen te lijken.
Wat ik wel heerlijk vind, zijn geuren uit de natuur: bergamot, mandarijn, sinaasappel, vetiver en cederhout.
En sommige geuren doen meer dan lekker ruiken. Ze brengen me ergens naartoe.
De geur van bepaalde supermarkten brengt me bijvoorbeeld onmiddellijk terug naar Italië. Naar de kleine supermarkt waar ik als kind tijdens mijn eerste vakantie in het buitenland naar binnen liep. Ik kan niet precies uitleggen welke geur het is. Maar soms ruik ik hem ineens weer en ben ik heel even niet hier, maar daar.
Als de lindes bloeien, blijf ik vaak even stilstaan. Die geur is zo lekker dat ik hem wel zou willen drinken. Hetzelfde geldt voor sinaasappelbloesem.
En dan zijn er nog de geuren die me blijven verrassen. Zoals vijgenbomen. Voor mij ruiken die een beetje naar kokos. Wanneer ik dat zeg, kijken mensen me soms verbaasd aan.
Geur lijkt voor iedereen iets anders te betekenen.
Misschien was dat ook de reden dat ik vorige week besloot een diffuser in de klas neerzette. Ik zette hem achter op de kast, waar hij nauwelijks opviel.
Na lang twijfelen koos ik voor de geur bergamot: fris, natuurlijk en niet te opdringerig.
"Juf, waarom heb je dat geurding aan terwijl je het raam open hebt?"
Ik moest lachen. Niet omdat het grappig bedoeld was, maar omdat het zo'n scherpe observatie was. Ze had iets opgemerkt waar ik zelf niet eens bij stil had gestaan.
Het was zo'n opmerking die iets laat zien van de opmerkzaamheid die ik bij veel van deze kinderen tegenkom.
Ze zien details die anderen missen. Ze horen, voelen, ruiken en merken dingen op die aan veel mensen voorbijgaan. Soms wordt dat gevoeligheid genoemd. Maar misschien begint het wel met aandacht. Met werkelijk waarnemen.
Misschien herken ik dat juist omdat ik het zelf ook doe.
In de natuur blijf ik vaak hangen bij een schaduw, de structuur van boomschors, een bijzondere steen of een traag kruipende naaktslak het pad. Niet omdat ik ernaar op zoek ben, maar omdat mijn aandacht er vanzelf naartoe gaat.
En misschien is dat wel wat mij zo raakt in veel van de kinderen die ik begeleid.
Die openheid voor details. Die opmerkzaamheid. Dat vermogen om iets te zien wat er al die tijd al was, maar waar anderen aan voorbijlopen.
Zelfs als het maar een geurding bij een open raam is.