Meer begrijpen

Soms voelen ouders intuïtief: er is iets, maar vinden geen woord dat echt past.
Ik geloof niet in het vastleggen van kinderen in termen,
maar wel in woorden die helpen begrijpen wat er speelt.

Daarom leg ik hieronder uit wat vaak wordt bedoeld met hoogbegaafdheid, creatieve begaafdheid en gevoeligheid —
en wat kinderen daarin kunnen laten zien.

Hoogbegaafdheid

Sommige kinderen denken snel, diep en op een andere manier dan hun omgeving.

Ze leggen verbanden die anderen niet zien, stellen vragen die verder gaan dan verwacht en beleven de wereld intens.

Vaak wordt dit hoogbegaafdheid genoemd. Maar wat betekent dat eigenlijk?

Wat wordt er gezegd over hoogbegaafdheid?

Hoogbegaafdheid laat zich niet vangen in één definitie.
Er is veel over geschreven, maar er bestaat geen eenduidige wetenschappelijke omschrijving.

In onderzoek, psychologie en onderwijs worden verschillende manieren gebruikt om ernaar te kijken.
Dat kan verwarrend zijn — zeker voor ouders die zoeken naar herkenning of richting.

Tegelijk zegt die veelheid iets wezenlijks:
hoogbegaafdheid is geen eenvoudig of eendimensionaal verschijnsel.

Eén ankerpunt: cognitief potentieel

Er is wel een belangrijk ankerpunt in alle visies: cognitief potentieel.

In veel benaderingen wordt gesproken over een IQ van ongeveer 130 of hoger.

Maar een mens is meer dan een getal.
IQ zegt iets over cognitieve mogelijkheden, maar weinig over:

  • hoe iemand denkt

  • hoe iemand ervaart

  • hoe iemand de wereld beleeft

  • en of dat potentieel tot bloei komt

Bij kinderen verloopt ontwikkeling bovendien vaak ongelijk.
Het denken kan ver vooruit zijn, terwijl andere gebieden nog groeien.

Verschillende manieren van kijken

Omdat hoogbegaafdheid zich zo verschillend uit, bestaan er meerdere perspectieven.

Sommige benaderingen richten zich op beleving:
hoe het is om zo te denken en te ervaren.

Andere kijken naar ontwikkeling en context:
wanneer komt dit potentieel tot uiting — en onder welke voorwaarden?

Geen van deze perspectieven is dé waarheid.
Ze belichten verschillende kanten van hetzelfde geheel.

Hoe kijk ik naar hoogbegaafdheid?

In mijn werk kijk ik niet alleen naar een hoog IQ, maar naar hoe een kind de wereld ervaart en beleeft.

Een visie die mij hierin aanspreekt, is die van Marieken Althuizen, Esther de Boer en Nathalie van Kordelaar,
zoals zij die beschrijven in hun boek A:c,g,z {v,i,e,h,…}.
Zij benaderen hoogbegaafdheid als een hoge mate van alertheid — op cognitief, gevoelsmatig en zintuiglijk niveau.

Die alertheid kan zich op verschillende manieren laten zien:
in het stellen van veel vragen, in een rijkdom aan ideeën, in sterke emoties of in het hoog leggen van de lat voor zichzelf.

Dit is iets wat ik herken, en wat ik in mijn ervaring als leerkracht en begeleider veel terugzie bij kinderen.

Deze manier van kijken sluit voor mij aan bij bredere modellen, zoals het Delphi‑model,
waarin hoogbegaafdheid wordt gezien als een samenhangend en complex geheel van denken, voelen en waarnemen.

Tot slot

Hoogbegaafdheid is dus niet alleen een vermogen om snel te denken,
maar ook een manier van kijken, ervaren en betekenis geven.

Bij De Binnenstebuiter gebruik ik dit niet om kinderen vast te leggen,
maar om beter te begrijpen wat er speelt.

Waar veel wordt ervaren,
ontstaat ook veel om te begrijpen.

Creatieve begaafdheid

Psycholoog Linda Silverman beschrijft creativiteit als een volwaardige vorm van intelligentie.
Sommige kinderen combineren dit met een hoog cognitief vermogen, anderen niet.

Niet alle creatief begaafde kinderen vallen dus op door hoge cijfers of snelle prestaties.

Wat ze delen, is een eigen manier van denken.
Ze volgen geen rechte lijn, maar bewegen via beelden, associaties en ideeën.

Creatief begaafde kinderen vallen vaak op door hun verbeelding, intensiteit en manier van kijken.
Ze stellen vragen, denken verder en zoeken hun eigen weg.

Dat maakt hen uniek — en kan tegelijk schuren in het dagelijks leven.

Wat zichtbaar kan worden

Deze manier van zijn kan zich verschillend laten zien.

In denken en ervaren:

  • gevoeligheid voor prikkels

  • sterke reacties of betrokkenheid

  • perfectionisme of moeite om te beginnen

  • een hoofd vol ideeën zonder duidelijke volgorde

Op school:

  • gebrek aan uitdaging of motivatie

  • moeite met herhaling

  • talent dat niet altijd herkend wordt

  • afhaken waar weinig ruimte is voor eigen inbreng

In contact met anderen:

  • een gevoel van anders zijn

  • vragen bij regels of autoriteit

  • moeite om eigen ideeën af te stemmen

Hoe dat eruit kan zien

Wat er speelt, wordt vaak zichtbaar in kleine momenten:

Een kind begint aan een opdracht,
maar wordt in gedachten meegenomen door nieuwe ideeën en verbanden.
Het raakt afgeleid, komt moeilijk tot afronding of lijkt weg te dromen.
Wat van buitenaf als concentratieverlies wordt gezien,
is vaak denken in beweging.

Na een drukke dag kan één prikkel te veel zijn.
Een kind raakt sneller geïrriteerd, trekt zich terug of reageert heftiger dan verwacht.
Wat van buitenaf als een sterke reactie wordt gezien,
is vaak een teken van overbelasting.

Soms blijft een tekening leeg,
omdat het in het hoofd al ‘af’ voelt.
De lat ligt hoog.

Een vraag bij een regel is geen verzet,
maar een zoektocht naar betekenis.
Achter koppigheid zit vaak autonomie.

Een kind kan zich terugtrekken wanneer het zich niet begrepen voelt —
niet uit onwil, maar vanuit een behoefte aan veiligheid en rust.

Wat eronder ligt

Wat zichtbaar wordt aan de buitenkant, is vaak maar een deel van het verhaal.

Gedrag dat druk, afwezig of heftig lijkt,
kan iets anders betekenen:
een hoofd dat blijft doorgaan, moeite om prikkels te verwerken,
een sterke behoefte aan eigenheid of aan betekenis.

Wanneer die onderlaag wordt herkend, kan er ruimte ontstaan
voor rust, voor begrip en voor beweging.

Wat kan helpen

Wat helpt is geen strak plan, maar een houding:

  • ruimte voor eigenheid en expressie

  • nieuwsgierigheid in plaats van oordeel

  • afstemming in plaats van sturing

  • tijd om te ontdekken

Aanwezig blijven — ook als nog niet alles duidelijk is.

Wanneer het even zoeken is

Voor ouders kan dit soms zoeken zijn.

Je ziet iets bij je kind wat lastig te duiden is.
Er kunnen vragen ontstaan:

  • waarom raakt mijn kind zo snel uit balans?

  • waarom lijkt het niet te passen?

  • wat heeft het nodig?

Het helpt om te kijken met nieuwsgierigheid.

Je hoeft het niet meteen te begrijpen.
Samen blijven kijken is vaak al genoeg.

Tot slot

Creatieve begaafdheid wordt niet altijd herkend,
maar is een waardevolle manier van denken en leren.

(Hoog)gevoeligheid en intensiteit

Sommige kinderen ervaren de wereld sterker en bewuster.
Ze nemen veel waar, denken diep na en reageren gevoelig op wat er gebeurt.

Deze intensiteit hoeft niet verminderd te worden.
Ze kan juist iets vertellen over hoe een kind de wereld verwerkt en ervaart.

Hoe dat eruit kan zien

Psycholoog Elaine Aron beschrijft dit als verfijnde waarneming en diepe verwerking.
Deze kinderen:

  • merken subtiele verschillen op

  • reageren sterk op sfeer en emoties

  • raken sneller overprikkeld

  • genieten ook diep van rust en schoonheid

Overexcitabilities

De Poolse psychiater Dąbrowski beschreef verschillende vormen van intensiteit:

  • emotioneel — sterke gevoelens

  • imaginatief — rijke verbeelding

  • zintuiglijk — gevoelig voor prikkels

  • intellectueel — sterke denkdrang

  • psychomotorisch — veel energie

Deze eigenschappen zijn geen tekortkomingen,
maar horen bij hoe een kind ervaart en zich ontwikkelt.

Volgens Dąbrowski kunnen spanning, twijfel en grote vragen daar ook bij horen.
Niet als probleem, maar als onderdeel van groei.

Wat leeft er onder labels?

Deze visies zijn geen hoogbegaafdheidstheorieën,
maar een manier om ontwikkeling te begrijpen.

Wel wordt de theorie van Dabrowski vaak verbonden met (hoog)begaafdheid

Veel intens en creatief denkende kinderen — met of zonder hoog IQ — herkennen zich hierin.

Tot slot

Gevoeligheid en intensiteit vragen niet om correctie,
maar om afstemming en begrip.

Terug naar het overzicht →